Bedrijven die goed presteren hebben één ding gemeen, de werknemers zijn sterk gemotiveerd in hun eigenaarschap van veiligheid. Het vormt een onderdeel van hun cultuur op de werkplek.
Werknemers in bedrijven die laag op veiligheid scoren, antwoorden meestal op de vraag: Wie is verantwoordelijk voor de veiligheid binnen het bedrijf? De veiligheidsmanager.
In goed presterende ondernemingen zal men antwoorden: “Ik ben zelf verantwoordelijk voor de veiligheid”.
Het op zich nemen van eigenaarschap van veiligheid heeft als direct resultaat dat de leidinggevenden meer vrij uit spreken over veiligheidszaken, correct rapporteren van incidenten, een positieve houding ten opzichte van veiligheid hebben en nieuwe initiatieven voor veiligheid serieus nemen.
Voor ondernemingen die de veiligheid willen verbeteren moet er een balans zijn tussen het nemen van de juiste maatregelen door de onderneming wanneer het om veiligheid gaat, bijvoorbeeld de juiste veiligheidsuitrusting, training, duidelijke procedures, enz. En de leiding moet volledig verantwoordelijk zijn voor hun eigen veiligheid. Het is een tweerichtingsproces.
Het gaat met name mis, omdat mensen denken dat ze niet gewond kunnen raken op het werk. Dit wordt de ‘optimistisch vooroordeel’ genoemd, men denkt dat alleen anderen gevaar lopen op de werkplek. Het gevaar is dan ook dat zij veiligheidstrainingen en mededelingen niet serieus nemen en daarmee zich niet verantwoordelijk voelen voor de persoonlijke veiligheid.
Mensen hebben de gewoonte zichzelf niet verantwoordelijk te voelen en anderen de schuld te geven als er iets fout gaat.
Om deze houding van ‘het zal mij niet gebeuren’ en ‘het is niet mijn verantwoordelijkheid’ te corrigeren, moet de aandacht op communiceren binnen de onderneming worden gericht.

  1. Groepsidentiteit – het belang als een team binnen de onderneming te werken en zorg voor elkaar te dragen. De leiding werkt naar een veiligheidsdoel en ziet elkaar als een familie. Het taalgebruik kent uitdrukkingen: “Wij zijn van de Firma en doen ons uiterste best”.
    Wij kunnen ons veiligheidsdoel bereiken door 5 veiligheidsrapporten per maand.
  2. Open communicatie – Studies hebben aangetoond dat goed presterende ondernemingen hun leidinggevende stimuleren op alle niveaus, open te discussiëren over resultaten en het geven van feedback op andermans prestaties. Als mensen het vertrouwen hebben om openlijk over veiligheid te spreken, zij ook zelf verantwoordelijk voor zichzelf en anderen, dan heb je een open werkplek cultuur.
  3. Positieve houding over veiligheid – negatieve houding op de werkplek kan besmettelijk zijn. Wanneer een negatieve houding zich sterk aan de oppervlakte manifesteert, zal het moeilijk te bestrijden zijn. Het is belangrijk dat werknemers wordt verteld, dat veiligheid haalbaar is en degenen die negatief zijn over de veiligheid snel worden gecorrigeerd. Bedrijven die er vanuit gaan dat bepaalde industrieën meer dodelijke incidenten hebben, hebben in werkelijkheid ook meer dodelijke ongevallen. Bedrijven die geloven dat een veilige werkplek haalbaar is, scoren hoog op veiligheid.
  4. Vriendschappelijke toezichthouder – een goede leidinggevende bevordert positief veiligheidsgedrag en stimuleert het delen van belangrijke veiligheid gerelateerde informatie. Diverse onderzoekstudies hebben aangetoond dat positieve communicatieverhoudingen tussen toezichthouders en medewerkers de veiligheidsprestaties verbetert.
    Het hebben van goede toezichthouders, die verwachten dat werknemers het eigenaarschap van veiligheid op zich nemen ( en daarvoor support, training en middelen aanbieden) geeft een sterke boost.
  5. Vertel veiligheidsverhalen – Als het gaat om het veranderen van de mentaliteit van werknemers dat “het niet met me gebeurt”, is de meest effectieve manier om werknemers te presenteren die gewond raken, om te praten over wat er gebeurd is.
    Tenslotte bieden verhalen een emotionele verbinding met informatie en kan men de gevolgen zien wanneer veiligheid niet serieus wordt genomen.