De nieuwe wet DBA heeft als hoofddoelstelling schijnzelfstandigheid terug te dringen en is een vervanger van de VAR, die tot 1 mei geldig was. In praktijk blijken veel werknemers als schijnzelfstandigen werk te verrichten. Met name onder lager opgeleiden in de gezondheidszorg, schoonmaakbranche en andere dienstverlenende beroepen is dit het geval. De vuilnisophaler in dienst van de gemeente wordt van de een op de andere dag ontslagen om even later in een privatiseringsronde van diezelfde gemeente door een private dienstverlener als zzp’er weer te worden aangenomen. Dit tegen een lagere vergoeding en zonder sociale voorzieningen als ontslagbescherming, ziektekostenverzekering of pensioenverzekering.
De overheid wil met de nieuwe wet meer mensen een vaste baan bieden en zelfstandigen beschermen tegen oneerlijke concurrentie. De wet nieuwe wet blijkt nu verkeerd uit te pakken. In de oude VAR was de werknemer verantwoordelijk in de nieuwe wet DBA is ook de opdrachtgever verantwoordelijk en kan in geval van schijnzelfstandigheid tot 5 jaar terug naheffingen en boetes verwachten. Het gevolg: opdrachtgevers bieden zzp’ers geen nieuwe contracten meer aan uit angst voor hoge boetes. In praktijk blijkt de wet DBA veel onduidelijkheden te kennen. Wie is zelfstandige en waar ligt de scheiding met een schijnzelfstandige. Het heikele punt zijn opdrachtgevers die duidelijk een werkgevers-werknemersrelatie hebben, en waarbij er dus geen sprake is van zelfstandig ondernemen. ZZP Nederland en werkgevers willen vooral van de wet af. De Vakbond is juist blij dat de overheid schijnconstructies aanpakt.
Staatssecretaris Wiebes heeft daarom besloten de uitvoering van de wet tot 31 december 2017 uit te stellen. Volgens velen is dit geen uitstel maar afstel van de wet. Ondertussen blijft de onzekerheid voor zzp’ ers bestaan.

Doe de OndernemersCheck
De belastingdienst biedt modelovereenkomsten aan.